Smachten naar Wildness

Afgelopen maandagavond lag ik op een zitzak in mijn woonkamer weg te dromen bij een concert van Broeder Dieleman en Ben Weaver. Ben, singer-songwriter uit Minnesota (VS), fietst deze herfst van show naar show door het Hollandse landschap, gitaar en banjo aan zijn fiets gebonden. Halverwege de set las hij een gedicht voor over wildness, iets dat in Nederland moeilijk te vinden is. En toch wist iedereen in die woonkamer waar hij het over had. Wildness is dat wat niet te dirigeren valt. Planten die woekeren waar ze willen, bomen die niet gesnoeid worden, dieren die niet onder tafel om restjes bedelen maar in het wild op prooien jagen. Bergen en rivieren. Stormen en zeeën. Datgene wat jongeren zoeken als ze op wereldreis gaan. Dat wat ik van een afstandje kon bewonderen toen ik afgelopen zomer door Noorwegen reisde en omringd werd door onbeklimbare bergen en meren waarvan de diepte niet te bevatten is. Machtig en ongeschonden. Plekken waar geen mens kan komen. Waar smartphones en sociale media niet bestaan. Waar tijd nog écht relatief is en haast en druk geen bedreigingen vormen.

Screen+Shot+res+2+
Ben Weaver. Bron: benweaver.com

Ik denk vaak aan dat soort plekken. Dan krijg ik last van de bevlieging die tegenwoordig wanderlust genoemd wordt en Google ik naar last-minute vliegtickets naar de andere kant van de wereld. Daar zit ik dan, vanuit mijn super-gecultiveerde landje te dromen over de woeste, wilde wereld terwijl ik Eddie Vedder’s soundtrack van Into the Wild afspeel op de luxe DJ-deck van mijn huisgenoot. Maar waar slaat dat toch op? Op Facebook zie ik foto’s van leeftijdsgenootjes die maandenlang door Azië of Amerika reizen en de tijd van hun leven hebben, maar dit gebeurd inmiddels ook weer zo veel dat het een beetje een stereotype van de rusteloze jongere is geworden (niks op tegen trouwens, mijn Azië-tripje gaat volgend jaar plaatsvinden).

Toch is het wel grappig. Met z’n allen willen we lekker weg uit Nederland waar elke centimeter in het bezit is van iets of iemand, waar de bomen in de bossen netjes recht in een rijtje staan en alles eigenlijk waterpas is want zo plat is het hier nou eenmaal. Maar waarom willen we zo graag ongetemd zijn terwijl cultiveren en controleren de eeuwige obsessie van de mens lijkt? Wildernis is fantastisch (zolang die ook maar ingeperkt kan worden natuurlijk, anders wordt het eng), maar wie blijft er nou voor de rest van z’n leven in de jungle wonen? Uiteindelijk zitten al die wanderers weer terug in het vliegtuig met uitzicht op onze mooie vierkante weilandjes. Is het dan een fase die we doormaken zodat we na terugkeer makkelijker in het keurslijf van de werkende, belasting betalende burger passen? Wat gebeurt er met die wanderlust als je ouder wordt? Pap? Mam? Was het smachten naar wildness in jullie generatie ook zo’n ding? En waar gaat dat dan toch heen?

Eén ding is zeker: als er nog iéts van wildness bestaat in Nederland is het hier in Zeeland. Haren in de wind en blik op de zee op een stormachtige dag. En als je weer thuis bent verlies je je maar weer lekker in die heerlijke, ongetemde muziek van Weaver, Dieleman en Vedder. Zo komen we die winter wel door.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

w

Connecting to %s